Bestemmingen

Hoe Mũi Né uitgroeide tot het kitesurfparadijs van Azië

· 7 min leestijd

Tien jaar geleden kende bijna niemand buiten Vietnam de naam Mũi Né. Nu duikt het plaatsje op in elk trending-bestemmingen-lijstje voor 2026, en dat is geen toeval. Aan de zuidkust van Vietnam, vijf uur rijden van Ho Chi Minh City, liggen rode zandduinen, een blauw-groene zee en een wind die bijna het hele jaar aanhoudt. Dat laatste heeft Mũi Né een vaste plek bezorgd op de wereldkaart van kitesurfers, maar het dorp biedt meer dan watersport alleen.

Twee soorten zandduinen, één onvergetelijk landschap

Wie Mũi Né zegt, zegt zandduinen. Vlak bij de dorpskern liggen de rode zandduinen: vloeiende heuvels van oranjerood zand die bij zonsondergang oplichten als gloeiend koper. De duinen zijn maar een paar meter hoog en je kunt er makkelijk op en af lopen, al bieden lokale kinderen je ook vrolijk een slee aan om naar beneden te glijden.

De witte zandduinen liggen iets verder weg, zo een vijftig kilometer naar het noorden richting Phan Thiet. Hier verandert het landschap in iets wat meer weg heeft van de Sahara dan van Azië: golvende, bleke zandhoogvlaktes die zich uitstrekken tot aan de horizon. Kom er vroeg voor de zonsopkomst. Op dat tijdstip is het vrijwel stil, zijn de kleuren paars en roze, en lopen er soms ossenwagens door het zand. Daarna loopt het al snel vol met jeeps en quads.

Kitesurfen of lekker lui aan het water

Mũi Né is niet voor niets uitgeroepen tot de kitesurfhoofdstad van Azië. Het dorp heeft ruim 230 winderige dagen per jaar, en van november tot april waait het gemiddeld 20 tot 30 knopen - ideaal voor kitesurfers op alle niveaus. Langs de kustweg staan tientallen kitesurfscholen naast elkaar. Voor beginners zijn er meerdaagse cursussen; voor gevorderden zijn de omstandigheden vrijwel perfect.

Maar ook wie geen plank in het water wil, heeft hier een prima vakantie. Buiten het hoogseizoen is Mũi Né verrassend rustig voor Vietnamese begrippen. Je huurt een ligstoel, bestelt een verse kokosnoot en kijkt toe hoe kitesurfers over de golven scheuren. Overvolle all-inclusive resortseries vind je er gelukkig niet - het aanbod loopt van simpele bungalows tot kleinschalige boetiekhotels.

Als je al eens nagedacht hebt over reizen met alleen handbagage, is Mũi Né een uitstekende oefenbestemming. Je hebt er weinig meer nodig dan zwemkleding, een zonnebril en lichte kleding. In ons artikel lees je hoe je een volledige vakantiekoffer kunt laten staan voor je volgende reis.

De Fairy Stream: de plek die niemand verwacht

Een van de verrassendste activiteiten in Mũi Né kost vrijwel niets en staat zelden prominent in de toeristeninformatie. De Fairy Stream is een ondiepe beek van hooguit dertig centimeter diep, die door een smalle kloof met rode en witte zandsteen slingert. Je loopt er op blote voeten door, omringd door okerkleurige kliffen en overhangende palmbomen.

Het is maar twee kilometer heen en terug, en toch voelt de wandeling behoorlijk afgelegen. Halverwege opent de kloof zich naar een klein lagunmeer - een ideale plek om even te zitten en te kijken. Vroeg gaan werkt het best: later op de ochtend worden er ook kano klaarstaan, wat de sfeer ietwat commercieler maakt.

Vers zeevruchten, pho en verrassend goede koffie

Mũi Né is een vissersplaats, en dat proef je. Elke ochtend, rond vier of vijf uur, komen de felgekleurde ronde boten terug van zee. Op de vismarkt aan het einde van de dorpskern wordt dan verhandeld wat er gevangen is: garnalen, pijlinktvis, kreeft en tientallen soorten vis. Bijna alles wat die dag op tafel verschijnt, lag een nacht eerder nog in zee.

Langs de hoofdstraat staan kraampjes en restaurantjes naast elkaar, van simpele pho-eettentjes tot grotere eetgelegenheden met een terras op het strand. Een maaltijd bij een lokale zaak kost een paar euro en de kwaliteit is opvallend hoog. Vietnamese koffie - sterk, zoet en geserveerd over ijs - is een aanrader bij elke stop.

Wanneer ga je en hoe kom je er?

De beste reistijd is november tot april. Dan is het droog, warm en waait het genoeg voor watersport maar niet zo hard dat het strand onaangenaam wordt. Van mei tot oktober is het regenseizoen, en dat is merkbaar aan woeste golven en modderige zandduinen. Vanuit Ho Chi Minh City rij je met een sleeperbuss in vijf tot zes uur naar Mũi Né. De bus stopt direct voor de meeste hotels en een ticket kost minder dan tien euro.

Wil je de vliegticketkosten laag houden voor je vlucht naar Vietnam? Lees dan ons overzicht van de belangrijkste factoren bij het zoeken naar goedkope vliegtickets.

Wat Mũi Né je bijblijft

Mũi Né is geen bestemming die je overweldigt met monumenten of een volle agenda. Het dorp werkt anders: het trekt je in zijn eigen ritme, dat bestaat uit vroeg op voor de duinen, overdag zon en wind, en in de avond gegrilde zeevruchten bij kaarslicht. Wie houdt van avontuur zonder chaos, van een bestemming die nog niet helemaal is overgenomen door massatoerisme, vindt hier iets bijzonders.

Overweeg je meer van dit soort reizen waarbij je echt de tijd neemt voor een plek? Dan is het de moeite waard om te lezen waarom steeds meer reizigers bewust langzamer reizen. Want vier of vijf dagen is het absolute minimum om Mũi Né recht te doen.

L
Geschreven door Lotte Willems Reisschrijver & wereldreiziger

Lotte is de reisschrijver die altijd net iets langer blijft dan gepland, omdat er altijd nog die ene plek is die ze wil zien. Ze heeft op vier continenten gewoond en spreekt genoeg Spaans om de weg te vragen en een empanada te bestellen. Ze schrijft met warmte over bestemmingen en geeft eerlijke tips die niet uit een reisgids komen. Haar favoriete manier van reizen? Langzaam, met een goed boek en geen haast.